|
Bond van Leraren stelt regering ultimatum |
Op dinsdag 8 april komen de leden van de Bond van Leraren (BvL) bijeen om de stand van zaken te evalueren en de verder te ondernemen stappen te bepalen. Volgens Wilgo Valies, voorzitter, zal de houding van de overheid bepalend zijn voor de stappen die ondernomen zullen worden. Garantie met betrekking tot de voortgang van het onderwijs kan dan niet meer gegeven worden. Dit heeft Valies gisteren tijdens een persconferentie in zijn bondsgebouw gezegd. Aanleiding hiertoe zijn bijvoorbeeld de nieuwe beloningsstructuur, de positie van de MO-A bezitters en de huidige financiële positie van de onderwijsgevenden.
De leden zijn de mening toegedaan dat de overheid niet bereid is alle relevante informatie met betrekking tot de nieuwe beloningsstructuur ter beschikking te stellen van de vertegenwoordigers van de werkers. Volgens Valies is deze informatie nodig voor een goed inzicht in het totale functiewaarderingsproces en om te komen tot een goede beoordeling of de functieweging correct is geweest en dat er geen sprake is geweest van willekeur bij de weging.
De tot nu toe geëtaleerde houding van de overheid in deze kwestie versterkt de conclusie van de BvL dat er hier sprake is van willekeur bij de weging van de verschillende functies. Het is opmerkelijk dat binnen dit functiewaarderingssysteem de leidinggevende functies zeer hoog worden gewaardeerd, ongeacht de opleiding, in tegenstelling tot die van de werkers met zelfs een hoger gekwalificeerde opleiding. Als voorbeeld haalde Valies aan dat een directeur van een VOS- school komt te zitten in schaal 11c, terwijl de docent VOS (MO-B) in schaal 9 c terecht komt. In beloning is dat een verschil van circa SRD 1.000 per 1 januari 2008 en per 1 januari 2009 een verschil van SRD 1.900.
Verder is gebleken dat een niet gering aantal docenten die hun MO-A diploma hebben behaald, niet is benoemd voor het VOS, terwijl de groep reeds een aantal jaren werkzaam is op het VOS. Na onderzoek is duidelijk geworden dat de minister van Binnenlandse Zaken van oordeel is dat deze groep van leraren niet thuishoort op dit niveau. Hij heeft op eigen gezag zonder overleg gepleegd te hebben met de minister van Onderwijs en Volksontwikkelingen de benoemingen aangehouden. Dit gedrag wordt sterk afgekeurd door de leden en zij dringen bij de overheid erop aan om deze onrechtvaardige daad ongedaan te maken.Verder eisen zij dat er nu een wezenlijke aanpassing van het loon moet plaatsvinden door middel van onderhandelingen met de BvL. De BvL doet een ernstig beroep op de regering om de nodige stappen te ondernemen ter voorkoming van escalaties.
|