|
OAS legt Toescheidingszaak Jankie voor aan Suriname |
PARAMARIBO - De Inter-Amerikaanse Commissie voor de rechten van de mens zal rond augustus de Toescheidingszaak Jankie voorleggen aan de staat Suriname.
Mahin Jankie moet van de commissie de kiesregeling van Suriname en de toescheidingsovereenkomst nog indienen. Hij zal deze documenten laten vertalen naar het Engels. Suriname krijgt 1 maand de gelegenheid te reageren, met twee keren uitstel van een maand. Hierna zal Jankie reageren en daarna wederom de staat. De commissie zal, indien noodzakelijk, partijen over en weer de gelegenheid bieden een reactie te geven. Jankie heeft drie zaken aanhangig gemaakt bij de commissie, die gevoeglijk zullen worden behandeld. Volgens hem heeft Suriname drie van zijn essentiële rechten geschonden. Hierbij gaat het om het recht op een eerlijk proces binnen een redelijke termijn. De behandeling van het kort geding zou in totaal 8 jaren in beslag hebben genomen.
Vervolgens stelt Jankie dat hij niet de gelegenheid heeft gehad zijn zaak mondeling te bepleiten en gedwongen is een advocaat in de arm te nemen. Hij is zeer misnoegd dat de twee bodemprocedures die hij had ingesteld in 1999 en eind 2000, anno 2008 nog niet zijn begonnen. Ook bij deze procedures nam hij als grondslag mee dat hij en zijn gezin in alle opzichten als Surinamer willen worden behandeld en sloeg ook acht op de totnogtoe geleden schade. De staat heeft het vonnis van 23 mei 2001 niet nageleefd op advies van de staatsadvocaat. Hierbij was in het voordeel van Jankie beslist. Het hof heeft het vonnis van 2001 op 3 augustus 2007 vernietigd zonder dat de staat enige grieven naar voren heeft gebracht. Ook kan Jankie zich niet erin terugvinden dat hij niet mocht deelnemen aan de verkiezingen van 2005. Zijn naam kwam niet voor op de kiezerslijst en hij is ook door de kortgedingrechter in het ongelijk gesteld. Jankie meent dat hij reeds uitgeprocedeerd heeft in Suriname.
|