|
Oorlogsdecreet moest liquidaties dekken |
Paramaribo - De Decembermoorden van 1982 zijn eerder gepleegd dan direct betrokkenen de samenleving jarenlang hebben willen doen geloven.
Dat kwam vrijdag naar voren tijdens het verhoor van enkele getuigen door de Krijgsraad. Uit hun relaas blijkt dat gelet op de geweerschoten in het Fort Zeelandia, in de nacht van 7 op 8 december 1982 de eerste slachtoffers zijn gevallen. Maar op de graven van de slachtoffers staat 9 december als datum van overlijden.
Tijdens de krijgsraadszitting kwam ook naar voren dat de moordenaars in allerijl een oorlogsdecreet in elkaar hadden geflanst om de moorden te kunnen legitimeren. Getuige, tevens verdachte, Harvey Naarendorp werd op 8 december 's avonds door toenmalig garnizoenscommandant Roy Horb gevraagd hem te adviseren over het concept-oorlogsdecreet.
Bij die ontmoeting waren medeverdachten Errol Alibux en Iwan Krolis ook aanwezig, herinnert Naarendorp zich. Krolis echter ontkent dat die ontmoeting op 8 december plaatsvond. Naarendorp wees Horb op de internationale implicaties die afkondiging van een dergelijk decreet voor Suriname zou kunnen hebben.
"Dan moet je je juristenverstand beter gebruiken, want die mensen zijn al dood", zou Horb hem toen hebben toegebeten. "Ik was dermate geschokt dat ik toen direct ben weggegaan", vervolgde de oud-minister van Buitenlandse Zaken. Daags daarna gaf hij zijn ministersportefeuille terug aan regeringsleider Desi Bouterse.
Het aanhoren van de getuigenverklaringen was voor aanwezige nabestaanden van de slachtoffers vrij emotioneel. De moeder van Jiwansing Sheombar sloot de ogen toen ze het relaas hoorde hoe haar zoon is mishandeld en vervolgens als één van de eerste twee slachtoffers is neergeknald.
Ondanks de emoties is nabestaande Sunil Oemrawsing "bevredigd" dat de getuigenverklaringen vrijdag vlot zijn gegaan en de behandeling ordelijk is verlopen. Schokkend vond hij vooral de ontboezemingen over de mishandeling van de slachtoffers, terwijl er volgens hem op bepaalde momenten ook opmerkingen werden gemaakt die "pijnlijk overkwamen".
Oemrawsing erkent dat de lange zitting veel heeft gevergd van betrokkenen zoals rechters, aanklager, nabestaanden en getuigen. "Het vergt veel, maar het gaat meer om overtuiging, wilskracht; het gaat om wat wij willen bereiken.
Wij moeten belief hebben dat we uit die wurggreep komen." 8 December houdt volgens hem de nabestaanden en de totale Surinaamse samenleving in een wurggreep en dat moet worden beëindigd.
|