|
Santokhi klaar voor elke politieke functie |
Paramaribo - Justitieminister Chandrikapersad Santokhi, die zijn 51e jaardag vierde, gaf in zijn korte toespraak te kennen geen oordeel over zijn beleidsperiode te vellen, maar het over te laten aan het volk. Reeds geruime tijd wordt in de samenleving geopperd dat de minister voorgedragen kan worden als presidentskandidaat. ‘De kwestie van presidentschap zal beantwoord moeten worden door het volk.
Het presidentschap en vicepresidentschap zijn zulke nobele en edele functies, waarvoor je zelf geen ambities moet hebben, het volk, de politiek moet jou vragen om die functie te bekleden’, vindt de minister. Sedert zijn aantreden als minister voelt Santokhi zich ook politicus. ‘Als je eenmaal een politieke stap gemaakt hebt als minister van Justitie en Politie, dan heb je ook een stap gemaakt in de politieke wereld.’ In deze wereld is hij gereed voor elke positie en functie.
Na afronding van zijn studie op de Algemene Middelbare School (AMS), ging hij als jongen van 19 jaar naar de Nederlandse Politieacademie. ‘Dat werd je niet altijd in dank afgenomen, met name bij Hindoestaanse gezinnen. Er was een stukje verwachtingscultuur dat je zoveel mogelijk voor arts of iets anders moest gaan studeren. Voor beroepen, waaronder politieman en militair, die een stukje gevaar inhouden, waren de ouders namelijk erg huiverig voor’, zei de jarige. ‘Eigenlijk was het voor hun (ouders, red.) geen prettige mededeling dat ik weg zou gaan uit Suriname.
En ten tweede dat ik voor de politie gekozen had. Ik kan het mij nog heugen dat mijn vader mij zei of het de enige optie is waarvoor ik kon kiezen. Ik heb toen gezegd dat ik daarvoor had gekozen.’ Na een lange selectie van bijna een half jaar, gekenmerkt door onzekerheden, hoorde hij dat hij geselecteerd was. De opleiding in Nederland betitelt de minister als heel zwaar. ‘Je wordt gedrild om leiding te geven. Niet alleen tijdens normale omstandigheden, maar ook in periodes van crises. Als minister heb ik zeker gebruikgemaakt van de vaardigheden die ik daar heb geleerd.’
Na zijn studie heeft Santokhi bij het Korps Politie Suriname gediend voor een periode van 27 jaren. Voor zijn ambt van minister was hij commissaris van politie in de hoedanigheid van Hoofd Justitiële Dienst. Op 1 september 2005 werd hij officieel beëdigd tot minister van Justitie en Politie. ‘Het is inderdaad een hele eer om als minister het land te mogen dienen. Vooral wanneer je erin slaagt om grote delen van je beleid uit te voeren.’ Veiligheid en rechtsbescherming in de samenleving zijn enkele van de zaken die hoog op Santokhi’s agenda staan.
De bewindsman is zich ervan bewust dat binnen de samenleving enorm veel waardering is ontstaan voor de vele beleidsmaatregelen die hij heeft ingevoerd vanaf zijn aantreden. Vooral een aanvang maken met het 8 decemberstrafproces heeft bijzonder veel stof doen opwaaien binnen de samenleving: zowel positief als negatief. ‘Er zijn veel weerstanden en demonstraties geweest.’ Hij was de situatie echter altijd de baas.
|